058 203 8012

Stormloop op sober rood ‘klushuisje’ in Skingen. De strijd om het huis van Ale in een tijd van overbiedingen en paniek in de overkokende huizenmarkt.

Jaren en jaren woonde de oudste inwoner van Skingen in een sober rode huisje in het dorp maar vorige week is het verkocht. Op een donderdagmiddag om vijf uur kwam het woninkje online te staan. Een minuut later ontplofte de mailbox van de makelaar.

Hij weet dat de markt oververhit is, zegt Gosse Miedema die samen met zijn dochter Tjettje een makelaarsbedrijf in Leeuwarden heeft. Maar als hij had voorzien dat er zo’n stormloop op het huisje zou ontstaan, had hij het niet op donderdag maar pas op vrijdagmiddag op Funda gezet. Dan had hij er rustig het hele weekend voor ingeruimd.

Nu moest hij een dag later al een nieuwe regel boven de advertentietekst plakken. ‘WEGENS DE GROTE BELANGSTELLING VOOR DEZE WONING IS HET HELAAS NIET MEER MOGELIJK OM EEN BEZICHTIGING IN TE PLANNEN’, stond er in hoofdletters.

Zo kon het gebeuren dat er vorige week werd gevochten om het oude huis waar Ale Bruinsma ooit samen met zijn broer Pieter, en tot 1964 en 1966 ook met zijn ouders Sijtze en Douwtje woonde. Tot vlak voor zijn vertrek naar een verzorgingstehuis in Stiens zat Ale op zonnige dagen in een tuinstoel in het gangetje te genieten van de buitenlucht, met de voordeur wijd open en de poes op schoot.

Pieter overleed in december 2002, Ale stierf in oktober vorig jaar op 97-jarige leeftijd. En een half jaar later lopen er ineens vreemden door het huis die de kozijnen bekloppen, de foto van de Siberische tijger aan de muur in de keuken bekijken en zich verwonderen over het oude koeienstalletje dat aan het huis vastgeplakt zit.

Ooit had bijna iedereen in het dorp koeien maar de boerderijen werden woonhuizen en de winkeltjes die er waren werden ook al opgedoekt. Zelf zei Ale wel eens dat er niks meer aan was. Vroeger als ,,snotnoas’‘ stond hij vaak bij de kerk te luisteren naar de mannen die buiten stonden te praten.

Er was een ,,âld man’‘ bij die tijdens de mobilisatie in de Eerste Wereldoorlog door een ongeluk met een paard en een kanon gewond was geraakt aan zijn voet. In die tijd zag hij ooit ook hoe een van de dorpsmannen met een legergeweer uit 1914-1918 een enorme rat bij de kerk doodschoot. ,Skit-te-rend’‘. Hij was vol ontzag en ,,spookbenaud’‘ tegelijk geweest.

De kleine tafel waaraan Ale zat toen hij het vertelde, staat nog steeds in de woonkamer. En in de tweede week van april ontving makelaar Gosse Miedema er de allereerste gegadigden die zich voor een bezichtiging hadden gemeld. Het waren er 16, maar het hadden er ook 65 kunnen zijn. Al na pakweg vierentwintig uur was de mailbox van de makelaardij ontploft.

Er zat een stel uit Utrecht bij en er kwamen ook Friezen om útens uit Rotterdam en Amsterdam kijken, maar de meerderheid bestond uit mensen die al in Friesland wonen. Sommigen waren beleggers, knikt Gosse, maar met opzet gaf hij ook starters een kans. Jonge handige kerels met de duimstok in de kontzak struinden door het huis.

,,Klusser gezocht!’‘, had hij wervend in de advertentietekst gezet. ,,De woning verkeert in een eenvoudige en gedateerde staat, waardoor je rekening dient te houden met moderniseringswerkzaamheden passend bij de wensen van deze tijd.’‘

Eigenlijk wilden ze de vraagprijs iets lager zetten, zegt Gosse. Maar de erfgenamen van Ale vonden 150.000 euro redelijk. ,,Ik tocht: godfergemie.’‘ De muren in het woonkamertje zijn immers nog bekleed met gevlamde Decowall wandbekledingsplaten uit de jaren zestig, in de ‘eenvoudige keukenopstelling’ hangt nog een geiser en de ,,ruime kamers’‘ worden verwarmd met gaskachels.

Er is geen isolatie, het schilddak met pannen moet worden vervangen en de trap naar de twee spartaans afgetimmerde hokjes op de bovenverdieping is niet meer dan een ladder met een ouderwetse loper erop.

Toch was het huis ooit het toppunt van luxe voor de familie Bruinsma. Ze kwamen uit een kleinere woning in de Buorren en hadden op nummer 18 ineens 757 vierkante meter grond tot hun beschikking.

In de voortuin mocht weliswaar niet gebouwd worden omdat de dominee in de nabijgelegen pastorie lang geleden regelde dat hij ,,voor eeuwig’‘ vrij zicht op Dronrijp wilde houden, maar dat vonden de Bruinsma’s geen probleem. En daardoor bleef in zestig jaar tijd ook het uitzicht vanaf de keukentafel op het vrije veld intact.

Ale, die op zijn veertiende van school moest, werkte 29 jaar als boerenarbeider bij boer Houtsma aan de nabijgelegen Slappeterpsterdyk. In een blikken sigarendoosje van Schimmelpenninck bewaarde hij een foto waarop hij met een jong gezicht onder een grote pet in een graanveld staat.

Die dag leerde hij met de hand maaien en op de ‘zicht’, de zeis met de korte steel die de boer op de kop had getikt, stond ‘Adolf Hitler Staal’. Gereedschap was schaars in de Tweede Wereldoorlog. Je deed het met wat je kon krijgen en op de boerderij zat trouwens ook een onderduiker dus zoveel gewicht hadden die letters nou ook weer niet.

Ale hield van het boerenwerk. Van de arbeid op het land, van de koeien op het gemengde boerenbedrijf en van het koeienstaarten wassen, oftewel ‘sturtwaskjen’ op zaterdag. Dan haalde hij ,,by de frou’‘ in het voorhuis groene zeep en werden de staarten weer prachtig wit. Nog nagenietend: ,,Skit-te-rend. Skit-te-rend wie it dan.’‘

Maar toen het boerenbedrijf van vader op zoon overging, nam Ale ontslag. Nieuwe generaties hebben nieuwe ideeën en hij kon er niet tegen om ineens anders te moeten werken. ,,No en sa is dat gongen’‘, zei hij anderhalf jaar geleden opgewekt vanachter een kopje thee. Vanaf die tijd werkte hij bij de Philips-fabriek.

En de enige luxe die zijn jongere broer Pieter en hij zichzelf toestonden waren auto’s. Ze hielden van sportieve nieuwe wagens en o ja, twee keer per jaar gingen ze op vakantie. Naar Noorwegen bijvoorbeeld, naar Amerika en zelfs twee keer avontuurlijk naar Rusland.

Misschien hangt er daarom een foto van een Siberische tijger in de keuken. ,,,,De Siberische tijger is een dier met een zeldzame gratie en schoonheid’‘, staat in het bijschrift onder de machtige tijgerkop.

De kandidaat-kopers liepen er deze maand onderdoor. Langs het formica kastje aan de muur, langs de oude groene deur van de loods achter het huis en langs de grup in de kleine koeienstal die nog van voor de tijd van de Bruinsma’s was.

Een gegadigde uit Rotterdam haakte af. Ze vond het huis eng. Maar uiteindelijk werden er een week na de eerste advertentiedag op Funda zeven biedingen uitgebracht. Een koper bood de vraagprijs, anderen zaten rond de 160.000 en drie kandidaatkopers wilden om en nabij de 180.000 euro betalen.

Zo gaat dat tegenwoordig, zegt Miedema. Laatst kocht iemand in Hallum een huis voor 80.000 boven de vraagprijs. ,,Unfoarstelber.’‘ En in Alde Leie ging een ,,klus- of sloopwoning’‘ met dik 9.000 vierkante meter grond erbij voor 330.000 euro van de hand terwijl er 175.000 euro voor gevraagd werd. De Leeuwarder makelaar: ,,De sjeu fan it ûnderhanneljen giet der wat of.’‘

Eigenlijk is het raar, vindt Tjettje. Je bekijkt een half uur een huis en moet meteen bieden. Soms krijg je zelfs maar een kwartier de tijd en voordat het coronavirus toesloeg gebeurde het ook dat er tegelijkertijd drie verschillende kandidaat-kopers door een woning liepen. Een partij boven, een beneden en een buiten.

De druk is groot. Want wat te denken van online-biedingen waarbij de klok de seconden wegtikt en je per direct kunt zien wat je opponenten bieden? In deze oververhitte woningmarkt vreten mensen zich op van de zenuwen. Laatst nog hoorden de Miedema’s dat iemand steevast om vier uur ‘s nachts zijn wekker zet omdat hij als eerste de nieuwe advertenties op Funda wil kunnen bekijken.

Vader Miedema: ,,It is dochs net bêst?’‘ Vroeger was het leuk om je eerste huis te kopen. Nu struikelen mensen van de ene naar de andere teleurstelling.

En het huis van Ale is verkocht. De eettafel met het plastic tafelzeil erop staat nog even in de woonkamer. Net als de plastic planten en de flessen drank in de vensterbank. Er is geen druppel uit gedronken. Drank kwam er vroeger het ouderlijk huis niet in, zei Ale. ,,Gjin drip. En we mochten ek gjin speelkaarten.’‘ Mem wou het niet hebben.

Tiden hawwe tiden, heet het. En deze week heeft de koper van het huis het raampje van de grote schuur achter het huis van Ale weer opengezet zodat de boerenzwaluwen er net als altijd in kunnen. Het leven gaat door. Ook nu het woninkje niet meer van de broers Bruinsma is.

Bron: Leeuwarder Courant, 24 april 2021, Jantien de Boer